Kantoorwerkplek

NEN 1824, versie maart 2001

Samenvatting van wijzigingen

In deze versie is opnieuw rekening gehouden met ergonomische uitgangspunten voor de inrichting van de werkplek. Met name de berekeningswijze voor de benodigde vloeroppervlakte is gewijzigd. Toegevoegd zijn eisen voor fysische factoren zoals binnenklimaat, luchtverversing en daglicht. In een informatieve bijlage is een passage over hinderlijk geluid opgenomen.

Onderwerp en toepassingsgebied

De norm beschrijft vanuit ergonomisch oogpunt de minimumeisen voor de hoeveelheid vloeroppervlakte van werkplekken in kantoren. Deze norm is van toepassing voor alle mogelijke soorten kantoorwerkplekken (van de 'normale' beeldschermwerkplek tot de wisselwerkplek en de call-center werkplek) en kan ook worden toegepast voor de thuiswerkplek.

Nieuwe berekeningswijze benodigd vloeroppervlak

Elk kantoorvertrek moet voldoen aan minimumafmetingen die te berekenen zijn uit de sommering van de verschillende elementen in de ruimte, zoals de aanwezige personen, het kantoormeubilair, de kasten en de vergadervoorziening. De nieuwe berekeningswijze is:

Element Minimumoppervlakte
De medewerkers 4 m2 voor iedere werkplek die gewoonlijk langer dan
2 uur per dag door ÈÈn of meer medewerkers wordt
gebruikt, inclusief kantoor-werkstoel Èn
circulatieruimte op de werkplek
De kantoorwerktafel 1 m2 voor een werkplek met een plat beeldscherm
2 m2 voor een werkplek met CRT-beeldscherm
1 m2 voor een lees/schrijfvlak
2 m2 voor een vlak voor uitleg van tekeningen
De kasten 1 m2 voor elke vrijstaande of verrijdbare (lade)kast
De vergadervoorziening 2 m2 per persoon


Voor beeldschermwerkzaamheden, waar fysieke documenten worden gebruikt, moet worden voorzien in een lees/schrijfvlak. Voor het overige meubilair en apparatuur (archiefkasten, printer, fax e.d.) moet het minimaal vereiste oppervlak worden bepaald op basis van het ruimtebeslag van het meubilair en van de apparatuur en de ruimte om deze voorzieningen te gebruiken of te bedienen. Het aldus berekende vloeroppervlak is het benodigd vloeroppervlak voor de werkplek inclusief circulatieruimte (looppaden Èn toegang/deur !!) in de kantoorrruimte, maar exclusief overige afdelingsruimten zoals pauzeruimte en vergaderruimten e.d.

De standaardwerkplek

Voor de standaardwerkplek met 1 medewerker (4 m2), 1 bureau met CRT-beeldscherm (2 m2) en lees-schrijfvlak (1 m2) en 1 kast (1 m2) is dus nog steeds 8 m2 nodig, net zoals in de oude versie (1995) van deze norm.
In de norm staan ook rekenvoorbeelden voor andere typen werkplekken met een andere uitrusting.

Circulatieruimte

De breedte van doorgangen in een kantoorvertrek moet minimaal 600 mm bedragen. Indien regelmatig personen elkaar moeten passeren, moet deze breedte minimaal 900 mm bedragen. Indien de doorgang als looproute wordt gebruikt, moet de minimale breedte 1200 mm bedragen.

Status in overgangssituatie

De arboregeling verwijst nog naar de NEN 1824, versie 1995. Voor de nieuwe NEN 1824, versie 2001, moet het ministerie SoZaWe nog een uitspraak doen. In het kader van ardodienstverlening is het dus wat lastig om de oude NEN 1824 zonder meer overboord te gooien en de nieuwe in de dienstverlening in te brengen, omdat de Arboregeling nog uitgaat van de oude norm. Daarom het advies om wel gebruik te maken van de nieuwe norm, op basis van goed adviseursschap: de wet- en regelgeving loopt (nog) achter op de professionele inzichten. Zodra een advies echter op het scherp van de (juridische) snede terecht komt, dan is het verstandig om tot het moment dat het ministerie een uitspraak heeft gedaan over de nieuwe norm (al of niet opnemen in de Arboregeling) uit te gaan van de oude norm.


Sitemap. | . E-mail

© ARBO-advies.nl