Werkstress

STECR werkwijzer werkstress

Bron: Victor de Lint, bedrijfsarts

Werkstress is stress in of door de organisatie, het gevoel dat u onder grote druk staat, dat u het werk (net) niet af krijgt. Bijkomende psychische of lichamelijke klachten kunnen dan tot een ziekmelding leiden.

Factoren die meespelen zijn

Zwaarte van het werk
    Zijn er verschillende omstandigheden tezamen die stress geven, bijvoorbeeld een onduidelijke taak samen met zwaar lichamelijk werk en een conflict met de chef. Of deze situatie leidt tot stress hangt van de persoonlijkheid (uitdaging), ervaring, vaardigheden en het tegelijkertijd voorkomen ervan

Invloed op het werk

    Wanneer u geen invloed heeft op uw werktempo, werkomstandigheden en werkinhoud is de kans op werkstress aanwezig.

Beide situaties kunnen leiden tot:
  • Saai werk (combinatie van licht werk en geen invloed)
  • Overbelastend werk (combinatie van zwaar werk en geen invloed)
  • Gemakkelijk werk (combinatie van licht werk en wel invloed)
  • Uitdagend (combinatie van zwaar werk en wel invloed)

Mogelijke stressoren in het werk

  • Inhoud en werkwijze
    Te veel, te hoog werktempo, te moeilijk, te weinig, te eenvoudig, te monotoom, teveel verantwoordelijkheid, gevaarlijk, conflicten onduidelijke taak.
  • Arbeidsomstandigheden
    Chemische stoffen, lawaai, verlichting, temperatuur, werkhouding, zwaar werk, gevaarlijk werk, geen pbm's.
  • Arbeidsvoorwaarden
    Onregelmatig, laag betaald, beperkte loopbaan, werkonzekerheid.
  • Arbeidsverhoudingen
    Slecht leiderschap, weinig steun, weinig zeggenschap.
  • Overbelasting
    Taken die uitgevoerd moeten worden gaan de persoonlijke draagkracht te boven, er is niet voldoende tijd om te herstellen.
    Hoeveelheid werk: te druk, te hoog tempo
    Aard v/h werk: te complex, te moeilijk, op de tenen lopen
    Lichamelijk overbelast: hitte, lawaai, trillingen, verlichting, etc
  • Onderbelasting
    Te weinig werk, te eenvoudig, te monotoom, afstomping. Mensen hebben behoefte aan actie, uitdaging als bevestiging van eigenwaarde.
  • Onduidelijke taakomschrijving
    Rolonduidelijkheid, het is duidelijk waarvoor u verantwoordelijk bent, verwachting van werkgever en werknemer over taakinhoud kunnen verschillen, waardoor werknemer dingen doet die niet verwacht worden.
  • Tegenstrijdige opdrachten
    Regelmatig tegenstrijdige of onverenigbare eisen, 'moet ik nu het een of het ander doen'
    Bijvoorbeeld een chef die klem zit tussen de belangen van de werknemers en de verwachting van de directeur.
  • Verantwoordelijkheid
    Een (te) grote verantwoordelijkheid voor toekomst werkzekerheid en veiligheid; treinmachinist, dure apparatuur.
  • Onvoldoende overleg en participatie
    Overgeleverd voelen, niet mee kunnen beslissen, geen vertegenwoordiging voor de belangen.
  • Onvoldoende sociale ondersteuning
    Geen waardering, respect en onderlinge betrokkenheid, steun collega, schouderklopje.
  • Onopgeloste conflicten en slechte onderlinge verhoudingen
    Werken in een sfeer van irritatie, en conflict.
  • Toekomstonzekerheid
    Fusie, reorganisatie, bezuinigheden, overplaatsing, ontslagdreiging.
  • Ingrijpende veranderingen
    Overplaatsing, degradatie, berisping; beroep op aanpassingsvermogen en vaardigheden; zelf nauwelijks invloed; met name bij forse identificatie met het werk.

Gevolgen van werkstress

Burnout, opgebrand raken, opgebrand zijn

Zie onze pagina over burnout

Andere gevolgen van werkstress

Ziekteverzuim, scala aan psychische en lichamelijke klachten, sterk verloop onder medewerkers, veel conclikten, veel fouten, verminderde productiviteit, negatieve cultuur; Het kunnen allemaal signalen zijn van werkstress, het kan individueel voorkomen maar ook in op een afdeling of in een hele organisatie.

Beleid bij verminderen werkstress

Individueel

Realistische benadering, niet alles moet perfect, weet u wat er van u verwacht wordt, mag u geen fouten maken, accepteert u eigen beperkingen, kunt u goed met conflicten omgaan, kunt u nee zeggen.

  • situatie veranderen: de oorzaken aanpakken (niet de gevolgen)
  • zelf veranderen: verbeteren vaardigheden, weerbaarheid verhogen, coaching
  • accepteren: als bovenstaande niet lukt, of u geen ander werk kunt vinden, de andere benadering kan leiden tot nieuwe mogelijkheden en uitdagingen.
  • Weggaan: andere taken, overplaatsing andere baan als bovenstaande niet lukt.

Bij de individuele benadering zijn er de volgende mogelijkheden:

  • terug in oude functie; bijvoorbeeld na tijdelijk ander werk, aangepaste werktijden, deeltijd.
  • terug in een andere functie: interne her/ overplaatsing
  • terug in oude, maar aangepaste functie: oude functie is gewijzigd, nieuw takenpakket.
  • terug in boventallige functie: nieuw tijdelijk takenpakket, zodra werknemer opstapt vervalt de functie.

Belangrijke factoren voor succesvolle reïntegratie:

  • Positieve instelling v/d werknemer
  • Perspectief dat het bedrijf in de werknemer ziet: kan hij nog een tijdje mee, staat van dienst, loopbaantraject, bijzondere deskundigheid
  • Flexibiliteit van het werk: diversiteit taken en opleidingsniveau werknemer, extern bepaalt werktempo.
  • Beschikbare begeleiding: deskundigheid aan werkgever en Arbo-dienst kant, goed functionerend SMT
  • Inschakelen van specifieke deskundigheid: intern/ externe tweede lijn HSK/ RAC/ reöntegratie bedrijf
  • Mensgerichte bedrijfscultuur: verantwoordelijk voelen voor gezondheid van werk en werknemers, imago.
Organisatie

Het opzetten van werkstress projecten:

  • Voorbereiding en organisatie: globale doelen formuleren, samenstellen (management, P&O, Arbo-dienst, informatieverstrekking aan projectleden, peiling betrokkenheid en motivatie in organisatie, taakverdeling.
  • Probleemdefinitie, afbakening en doel formulering: definitie werkstress, indicatoren, grenzen van terrein, formuleren gewenste situatie.
  • Onderzoek: Inventariseren van informatie bronnen, selectie bronnen, gegevens onderzoeken, opsporen risico factoren en risico groepen, rapportage van het onderzoek.
  • Inventarisatie en keuze interventie mogelijkheden: mogelijkheden bestrijden werkstress, vereisten aan interventies, voorspellen van effecten en neveneffecten van interventies, kosten/ baten analyse, keuze voor gerichte interventies.
  • Uitvoeren van interventies: planning interventie programma, uitvoeren plan, bewaken plan, zonodig bijsturen plan, bijsturen bij ongewenste neveneffecten.
  • Evaluatie: effecten project toetsen aan gestelde doelen, analyseren van de efficiëntie van het programma, planning opstellen consolideren van het effect, besluiten over een vervolg project.



Sitemap. | . E-mail

© ARBO-advies.nl